Aanbevelingen & Discussie

Na het hoofdstuk conclusie volgt de discussie, ook wel reflectie genoemd. In dit hoofdstuk wordt stil bij gestaan bij hetgeen dat goed en minder goed ging tijdens het onderzoek. Dit heeft dus niets meer met de probleemstelling of met de deelvragen te maken. Het doel van dit onderdeel is dan ook om te laten zien dat je kritisch kunt terugkijken op je eigen werk en kunt laten zien dat je van je onderzoek geleerd hebt.

De discussie wordt gebruikt om jouw onderzoek en conclusie in wetenschappelijk perspectief te plaatsen. Er kan worden besproken op welke manier de methoden, de selectie van cases/subjecten en het algehele onderzoeksproces invloed hebben gehad op de uitkomsten. Daarnaast kan worden besproken of de resultaten en conclusie overeenkomen met de verwachtingen. Als de resultaten anders zijn dan verwacht, moet er altijd een verklaring worden gegeven waarom (jij denkt dat) dit zo is. Komt het bijvoorbeeld door de gebruikte methoden? De keuze voor cases of subjecten? Moet de bestaande theorie uitgebreid worden op basis van jouw onderzoek en inzichten? Alle stappen die je gezet hebt en de keuzes die je gemaakt hebt, hebben gevolgen. In de discussie laat je zien dat je de gevolgen begrijpt.

In de discussie worden ook de beperkingen van het onderzoek besproken. Zijn de resultaten en conclusie algeheel geldend of tellen ze voor slechts een kleine groep? Het is niet de bedoeling dat het onderzoek wordt afkraakt, maar dat er kritisch wordt gekeken naar het onderzoek.

Tot slot kunnen er aanbevelingen worden geven voor vervolgonderzoek. Dit kunnen aanbevelingen zijn voor onderzoeksmethoden, maar ook over onderzoeksthema’s. Tijdens het onderzoek was er beperkte tijd en middelen beschikking voor het onderzoek. Nu het onderzoek is afgerond, geeft het inzicht in welke gaten er zijn in de wetenschappelijke kennis. Er kan een aanbeveling worden gedaan voor vervolgonderzoek over welk (type) onderzoek relevant is in het vervolg. Oftewel, geef aan wat je anders had gedaan als je hetzelfde onderzoek nog een keer zou moeten doen en waarom. 1

 

Een voorbeeld: je hebt een onderzoek gedaan naar de vraag welk aspect voor de Nederlandse bevolking belangrijker is bij de keuze voor een pak hagelslag: de prijs of het feit dat het een Fair Trade keurmerk heeft. Hierbij heb je 1.000 willekeurige personen een enquête laten invullen. Uit je onderzoek blijkt dat het overgrote deel van de respondenten de prijs belangrijker vindt dan het keurmerk. Je hebt echter ook enkele achtergrondvragen gesteld om zo in kaart te brengen wat voor type mensen de enquête heeft ingevuld. Eén van deze vragen was in welke inkomensklasse de respondent valt. Je hebt deze gegevens verzameld en vergeleken met de cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek. Hierbij valt je op dat er veel meer respondenten zijn die in een lagere inkomensklasse vallen dan op grond van de cijfers van het CBS zou moeten. Oftewel, de respondenten vormen geen goede afspiegeling van de Nederlandse bevolking. In je reflectie kan je dan bijvoorbeeld aangeven dat mensen in een lagere inkomensklasse misschien meer waarde hechten aan de prijs dan aan het keurmerk en dat daarom de conclusie van het onderzoek aldus zo luidt. Je geeft aan dat als het onderzoek nog een keer gedaan zou worden, maar dan onder een wel representatieve doelgroep, de conclusie wel een anders zou kunnen zijn. Kortom, je kijkt terug op je onderzoek en geeft vervolgens aan wat je de volgende keer anders zou doen.

Tip: “Kortom, laat zien dat je begrijpt dat je onderzoek maar een beperkte waarde heeft, omdat je niet alles hebt kunnen onderzoeken en dus ook niet alle relevante aspecten in je onderzoek hebt kunnen meenemen.”

 

1 www.ScriptieMaster.nl

Sidebar